Toelichting bij de stukken van 24preludia – deel II (willekeurige volgorde)

Miranda Driessen

Stel je voor dat Bach geen componist maar kleermaker was en dat je stiekem, nadat hij weer eens een prachtige jurk had voltooid, zijn atelier binnen zou sluipen om de restjes stof verzamelen.
Vervolgens probeer je deze restjes zo goed mogelijk weer aan elkaar te naaien. De contouren van de verschillende onderdelen van het kledingstuk komen min of meer weer tevoorschijn. Toch is het iets heel anders geworden.  In Johann’s leftovers volg ik zo precies mogelijk de contouren van de Prelude in G groot uit Das Wohltemperierte Klavier, deel 2. Alle tonen die zich tussen de twee partijen bevinden, en 1 of 2 daar rondom heen, gebruikte ik als materiaal, om verder zo precies mogelijk het verloop van Bach’s noten te volgen. Wellicht zal de luisteraar het oorspronkelijke werk erin herkennen, toch is het iets anders geworden. 

Anne-Maartje Lemereis

‘Diphthong’ is geinspireerd op Bach’s Prelude in d-mineur uit het tweede deel van het Wohltemperierte Klavier. Ik heb geprobeerd de toonsoort d-mineur steeds aanwezig te laten zijn, maar het ook te onhullen met andere klanken. ‘Diphthong’ is een fenomeen dat uit twee klinkers bestaat die binnen één lettergreep in elkaar overgaan. In dit geval kan dat zowel verwijzen naar de toonsoort als naar de constante aanwezigheid van Bach achter mijn eigen muzikale taal.

Dante Boon

C# is geïnspireerd op de derde prelude en fuga uit WTK2.

Er zijn drie korte delen. Het laatste deel is een gevarieerde herhaling van het eerste. De pianist is vrij in de keuze van verschillende (langzame) tempi en lengstes van muzikale komma’s.

Samuel Vriezen

Frédéric Chopin antwoordt niet direct op Bach maar op Chopin, die zelf in zijn preludes ook weer op Bach antwoordde, dus we zitten wel in de juiste kringen. Bachs chromatiek is fameus knoestig. Chopins chromatiek klinkt charmanter, maar is misschien nog veel extremer. Ik ben in elk geval altijd enorm gefascineerd geweest door Chopins prelude in e klein en heb die zelf altijd willen schrijven, dus heb ik dat nu maar eens gewoon gedaan.

Renske Vrolijk

Prelude – b weird is zoals de naam zegt: een prelude in b klein. De snelle muziek moduleert niet en blijft in de toonsoort b klein verkeren, alleen is het een grillige vorm van b klein. In motoriek en sommige muzikale gebaren maakt b weird een nederige en gepaste buiging aan het Grote Voorbeeld.

Claudia Rumondor

Zes weken voordat Jacqueline me vroeg om iets voor haar te schrijven, werd mijn dochter Sari geboren. Daarom wilde ik heel graag een stuk in Es, zodat ik er een lieve, kleine, breekbare muzikale ode aan mijn mooie dochter van kon maken (Es-A-Ri). Gebaseerd op het harmonische schema van Bachs Prelude, maar dan in een gamelanmodus, werd het Kinderspel (voor Sari).

Matthijs Kieboom

Voor mijn stuk “Fragments” heb ik letterlijk fragmenten uit wohltemperierte Klavier II: Prelude No. 16 in G Minor gepakt en daarmee ben ik opnieuw gaan componeren. De intervallen, melodieën en akkoorden progressies hebben mij geïnspireerd om dit te maken. Het is een repetitief stuk geworden waarin ik eigenlijk wil laten zien dat er in kleine fragmenten van Bach al zoveel genialiteit en schoonheid zit waar je verder op kunt bouwen! Prachtige kleine details waar je in het geheel bijna overheen zou luisteren.

Toek Numan

Deze pre-prelude is als een droom vlak voor het ontwaken,

als een nevelige voorbode, met de eerste contouren van wat komen gaat. 

Bach’s prelude is de dag die begint.

Charlie Bo Meijering

De Prelude in Gis-mineur van Bach heeft een onstuitbare gedrevenheid. Ik heb er geprobeerd melodisch en begeleidend materiaal van te vervormen, om te keren, te vertragen of juist te versnellen. Het middendeel heeft qua ritme een grilliger, wellicht Oost-Europees karakter. Bach’s compositie en die van mij klinken in iedere volgorde van uitvoering uitstekend.

Aart Strootman

A small prelude is behalve een korte prelude ook de letterlijke vertaling van de Nederlandse titel: ‘a-klein prelude’. De Engelse titel doet de compositie meer eer aan.

De inleiding is een stapeling van kwinten waarin de a centraal staat, het duurt even voordat de (dorische) mineurkleur zich ontvouwt en zodra dat is gebeurd neemt de parallelle (c-lydische) klank het over. Als ze in het slot botsen blijft de eenzame a over.

A klein (de kleine a) is in dit werk een heldhaftige, strijdlustige noot, meer dan een functioneel harmonisch tooncentrum.

Rokus de Groot

“Het preludium in F uit J.S. Bachs ‘Das Wohltemperirte Clavier’ komt voort uit twee krachten: stromen en stollen. De indruk van stromen ontstaat door de voortdurende beweging van toonladderfiguren over grote afstanden, van hoog naar laag en omgekeerd. En het vasthouden van bepaalde tonen in die toonbewegingen leidt tot plaatselijke stollingen, in de vorm van samenklanken. Op deze wijze zijn tijd en ruimte, anders gezegd melodie en harmonie, nauw met elkaar verweven. In de loop van zijn leven beperkt Bach zich steeds meer tot het uitwerken van één bepaald spel of motief per compositie, en dit preludium is daar een voorbeeld van. Mijn ‘Reflectie op Bach [in F]’ onderzoekt hetzelfde spel van stromen en stollen, en heeft hetzelfde vloeiende karakter, met zich openvouwende waaiers van samenklanken. Het stuk is niet met dezelfde harmonische regels geschreven, maar hanteert wel het toenemen en afnemen van toonladder-‘kleuringen’ (met toonverhogingen en -verlagingen), zoals Bach de hoofdtoonsoort neerzet, daarna verlaat en er weer naar terugkeert.

Evenmin als Bach geef ik meer gedetailleerde uitvoeringsvoorschriften, wat in onze tijd ruimte geeft voor interpretatie-vrijheid. Het voornaamste is het stuk vloeiend te spelen, met aandacht voor het openbloeien van harmonieën. Het is stuk om in te verblijven. Een hommage aan Bach”

Maarten Regtien – Preaeludium XIII

Ik vind het erg prettig om de luisteraar, maar ook mezelf, auditief op het verkeerde oor te zetten: dat wil zeggen, ik speel met de verwachtingen die automatisch in de hersenen worden gegenereerd; ik bouw deze op, en breek ze met hetzelfde gemak weer af. Dit is een eindeloos spel, en dat vind ik dan ook nog humor. Met de eerste maten van deze herijking van Bach’s prachtige prelude laat ik zodoende de hoop ontstaan dat het origineel niet te veel geweld wordt aangedaan….  Maar helaas!   Verder vind ik het ook wel aardig om onmogelijke of lastig uitvoerbare dingen op te schrijven; die mogen in chaos verzanden waar ik dan reuze benieuwd naar ben. Dat vind ik ook humor.

Sylvia Maessen – Bach continued

De prelude van Bach gaat nog even door als ‘Bach continued’ en ontspoort daarna in een soort vertwijfeling door het binnendringen van een nieuw muzikaal idioom. Maar het stuk herpakt zich quasi improviserend in dat idioom met Bach in het achterhoofd, eindigend in een daadwerkelijke improvisatie.

Bart Spaan

In “Klänge in H” komen vele zwarte toetsen voorbij en een enkele witte: voornamelijk “e” en “b”. Een paar `tussendominanten’ klinken, afkomstig uit de B-groot prelude, maar ze slaan niet altijd de correcte weg in. De klankenregen raakt gaandeweg de “b” als grondtoon kwijt.

Adriaan Valk – FREE

Free, onbekende ontmoeting, niet gebonden aan enige vorm, als een echo van eeuwigheid.

Uitgebeeld als tijdloze voetstappen, onzegbare expressie van het vormloze niets.

Chiel Meijering – The scream of a prelude

Al jaren experimenteer ik met de muziek van J.S.Bach, die zo hermetisch en intrigerend is dat ik probeer de sleutel van de kluis de vinden.

In de muziek van Bach zitten lagen die ik probeer naar voren te halen, zoals de harmonie, door in ‘ the scream’ de noten van elke maat tegelijk te spelen als een akkoord.

Ook flarden uit de prelude waarvan de noten een kwint hoger meespelen, zoals bij de kwintregister van het kerkorgel.

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.